Voegen kan pas als de lijm onder de tegels hard is, wat op de wand 4 tot 8 uur duurt en op de vloer ongeveer 24 uur. Neem een flexibele cementvoeg uit klasse CG2 met een W, op de vloer aangevuld met een A, en meng hem zoals de zak voorschrijft. Met een voegrubber werk je hem schuin de voegen in, en zodra hij mat wordt, was je hem in met een uitgeknepen spons. De waas poets je weg als de voeg droog is. Een gangbare cementvoeg kun je na ongeveer 24 uur gebruiken. Daarna kit je de hoeken en aansluitingen, omdat daar geen voegmiddel hoort.
Laat de aansluiting op het bad open: daar komt kit in plaats van voegmiddel.
Alle gidsen over voegen
Voegen reparerenKapotte voegen plaatselijk herstellen, en herkennen wanneer een scheur op een probleem in de ondergrond wijst.
Voegen verwijderenOude voegen weghalen met een multitool of voegenkrabber, zonder schade aan de tegels.
DilatatievoegenOp welke plekken een tegelvloer dilatatievoegen vraagt en hoe je die afwerkt met rugvulling en kit.
Voegen vervangenVan het uithalen van de oude voeg tot het aanbrengen van nieuwe voeg en kit, voor als repareren of verven niet meer volstaat.
Voegen vervenGave voegen een nieuwe kleur geven met een voegenstift of voegenverf, en de plekken waar dat niet blijft zitten.
Kleur voegen kiezenDe voegkleur die bij je tegels hoort, van ton-sur-ton tot contrast, en de reden om op de vloer liever donkerder te kiezen.
Voegen waterdicht makenDe reden dat voegen nooit waterdicht zijn, en hoe impregneren of sealen ze water en vuil laat afstoten.
Epoxy voegenPlekken waar een epoxyvoeg loont, zoals bij mozaïek en op de douchevloer, en een manier van verwerken die geen film op de tegels achterlaat.
Vloertegels voegenStap voor stap een tegelvloer voegen, inclusief hoelang je na het tegelen wacht en welke naden je vrijhoudt voor kit.
Hoelang moeten voegen drogen?Hoeveel tijd er moet zitten tussen tegelen en voegen, voor het afsponzen en tot het douchen, en wat het drogen vertraagt.
Mozaïek voegenMozaïek strak en schoon voegen met kleine porties, per soort mozaïek het juiste voegmiddel en een voorzichtige spons.
Soorten voegmiddelEen overzicht van de soorten voegmiddel, de betekenis van de codes op de zak en het juiste voegmiddel voor elke plek in de badkamer.
Badkamer zonder voegenDe naadloze alternatieven voor tegels met voegen, van grote tegels tot microcement, en de grenzen die de douche daaraan stelt.
Witte uitslag op voegenWat er achter witte uitslag op voegen zit, hoe je cementsluier, zout en kalk van elkaar onderscheidt en hoe je het verwijdert.
Dit heb je nodig
Hoe lang het duurt
Een paar uur werk voor een badkamerwand, plus een etmaal drogen voordat je doucht
Hoe moeilijk het is
Goed zelf te doen; het lastigste is het juiste moment om af te sponzen
Wat het kost
Weinig: een zak voegmiddel en een paar stuks eenvoudig gereedschap
Gereedschap
Een voegrubber, een spaan met een rubberen blad
Een harde tegelspons
Twee emmers
Een boormachine met een garde
Een voegenkrabber of een plankje voor lijmresten
Een droge, zachte katoenen doek
Een kitspuit voor de hoeken, na het voegen
Kniebeschermers als je ook de vloer voegt
Materiaal
Flexibel cementgebonden voegmiddel van klasse CG2 met W, of epoxyvoeg voor de douchevloer
Schoon leidingwater
Sanitairkit voor de hoeken en aansluitingen
Zo voeg je tegels stap voor stap
Om tegels te voegen heb je dit nodig, en deze volgorde werkt op iedere wand. Voor de vloer, mozaïek en epoxy komen er een paar regels bij, die elk apart worden uitgelegd.
Stap 1 Wacht tot de lijm hard is
Begin pas met voegen als geen tegel meer kan bewegen. Met gewone tegellijm duurt dat 4 tot 8 uur op de wand en ongeveer 24 uur op de vloer. De exacte tijd lees je op de zak van je lijm.
Stap 2 Maak de voegen leeg en stofvrij
Is er lijm tussen de tegels omhooggekomen, haal die dan weg met een plankje of een voegenkrabber, zodat iedere voeg dezelfde diepte heeft. Laat de binnenhoeken en de aansluitingen op douchebak en bad open voor kit, en zuig het stof op.
Stap 3 Maak het voegmiddel aan
Giet de hoeveelheid water die op de zak staat in een schone emmer en strooi daar het poeder in. Roer met een garde op een laag toerental tot je een smeuïge, klontvrije massa hebt die ongeveer zo dik is als pindakaas. Meng niet meer aan dan je in 20 tot 30 minuten opmaakt.
Stap 4 Vul de voegen met de voegrubber
Neem een schep voegmiddel op de voegrubber en werk het schuin over de voegen heen naar binnen. Voegen vullen gaat het makkelijkst met korte, schuine bewegingen in twee richtingen, net zolang tot alles vol zit. Houd de rubber daarna bijna rechtop en trek het overschot schuin van de tegels, op de wand van boven naar beneden.
Stap 5 Was de voegen in zodra ze mat worden
Wordt de voeg mat en blijft hij niet meer aan je vinger kleven, haal dan een goed uitgeknepen spons schuin over de tegels. Daarmee strijk je de voegen glad en neem je de resten mee. Spoel de spons regelmatig uit in de tweede emmer en druk niet te stevig, want anders trek je voegmiddel uit de voeg.
Stap 6 Poets de waas weg
Zijn de voegen droog, dan poets je de tegels met een droge katoenen doek vrij van de grijze waas. Zit er daarna nog een sluier, wacht dan met weghalen tot de voeg is uitgehard.
Stap 7 Laat de voegen drogen
Na ongeveer 24 uur kun je een gangbare cementvoeg gebruiken. Zorg dat de badkamer in die periode op kamertemperatuur blijft en goed geventileerd wordt. Probeer het drogen niet te versnellen met een föhn of kachel, want daar wordt de voeg zwak van.
Stap 8 Kit de hoeken en aansluitingen
Zodra de voegen droog zijn, komt er kit in de binnenhoeken en langs wastafel, douchebak en bad. De douche gaat pas weer aan als de kit water mag krijgen.
Rekenhulp
Tegels berekenen voor je badkamer, inclusief snijverlies, lijm en voeg
Waar deze rekenhulp op rekent
Snijverlies is een vuistregel, geen norm: ongeveer 10 procent bij recht of halfsteens leggen, 15 procent diagonaal en 20 procent in visgraat. Bij veel hoeken, nissen of grote tegels in een kleine ruimte neem je meer.
Het lijmverbruik komt uit het technische blad van een flexibele tegellijm, op een gladde ondergrond: 1,6 kg/m² met een kam van 6 mm, 2,2 met 8 mm, 2,6 met 10 mm en 4,1 met de grove vertanding voor grote vloertegels. Een oneffen ondergrond, of ook de achterkant van de tegel insmeren, kost meer lijm.
Het voegmiddel rekenen we met (tegellengte + tegelbreedte) / (tegellengte × tegelbreedte) × voegbreedte × voegdiepte × 1,8, alles in millimeters, plus 10 procent verlies. Als voegdiepte nemen we de dikte van de tegel.
Koop alle tegels uit dezelfde productiepartij en houd een paar tegels achter voor latere reparaties.
De gevulde naden tussen tegels van keramiek of natuursteen noem je voegen. Ze weren vuil en water uit de tegelranden, vangen kleine verschillen in maat op en zorgen dat losse tegels samen één stevig vlak vormen. Elke keramische tegel krijgt dus een voeg, ook een gerectificeerde tegel met strakke kanten, en een tegelfabrikant rekent bij zijn wandtegels met een voeg van 3 millimeter. Bij keramische tegels voegen kies je dus niet of, maar alleen hoe breed en met welk voegmiddel.
Waterdicht is een voeg niet. Cementvoeg neemt altijd wat water op, en muur en vloer blijven droog dankzij de waterdichte laag onder de tegels en de kit in de hoeken. Bij je badkamer waterdicht maken lees je hoe je dat opbouwt, en bij voegen impregneren en sealen hoe je voegen water en vuil laat afstoten.
Voegmiddel hoort niet in elke naad. Waar vlakken ten opzichte van elkaar bewegen, zoals aan de randen van een vloer, langs douchebak en bad en in de hoeken, komt een elastische kitvoeg. Het aanbrengen en vervangen daarvan staat bij kit vervangen in de badkamer.
Wanneer je tegels voegt en hoelang alles moet drogen
Het voegen kan beginnen zodra de tegellijm zo ver is uitgehard dat er geen tegel meer verschuift. Een fabrikant van voegmiddel rekent bij gewone lijm met 4 tot 8 uur op de wand en 24 uur op de vloer. Met snel uithardende lijm is de wand volgens dezelfde fabrikant na 1 tot 2 uur klaar en de vloer na 3 tot 4 uur. Een wand voeg je dus vaak nog dezelfde dag, een vloer meestal pas de volgende dag.
Een gangbare cementvoeg kun je na een paar uur licht belopen, en na ongeveer 24 uur is hij klaar voor gebruik. Dan volgt het kitten, en de douche gaat pas weer aan als ook de kit water mag krijgen. Voor een epoxyvoeg reken je op ongeveer vier dagen. Bij hoelang voegen moeten drogen staan alle wachttijden en wat ze verlengt, en met de rekenhulp voor droogtijden bereken je ze voor jouw producten.
De wachttijden rond het voegen op een rij
Stap
Wachttijd
Waar het van afhangt
Van tegelen naar voegen, wandtegels
4 tot 8 uur bij gewone lijm, 1 tot 2 uur bij snelle lijm
de lijm onder de tegels
Van tegelen naar voegen, vloertegels
ongeveer 24 uur bij gewone lijm, 3 tot 4 uur bij snelle lijm
de lijm, en of je erop kunt knielen
Aangemaakte cementvoeg verwerken
binnen 20 tot 30 minuten
het product en de temperatuur
Een gevoegde vloer licht belopen
na ongeveer 1,5 tot 3 uur
het voegmiddel
Klaar voor gebruik, cementvoeg
ongeveer 24 uur
temperatuur en luchtvochtigheid
Klaar voor gebruik, epoxyvoeg
ongeveer 4 dagen
vooral de temperatuur
Richtwaarden uit de technische bladen van gangbare lijmen en voegmiddelen, bij ongeveer 20 °C. De verpakking van jouw product gaat voor.
Rekenhulp
Droogtijden in de badkamer: wanneer mag je weer douchen?
Kies wat je hebt aangebracht en vul in wanneer je klaar was. Dan zie je per product vanaf wanneer het nat mag worden.
Product
Mag nat worden na
Vanaf
Helemaal uitgehard
Waar het van afhangt
Sanitaire siliconenkit (azijngeur)
24 uur, en dan voorzichtig
ongeveer 2 mm diep per 24 uur, dus een voeg van 6 mm na zo'n drie dagen
Huid na 5 tot 7 minuten, bij 23 °C en 50 procent luchtvochtigheid. Siliconenkit hardt uit met vocht uit de lucht: in koude of juist heel droge lucht duurt het langer.
Neutrale siliconenkit
24 uur, en dan voorzichtig
ongeveer 2 tot 3 mm diep per 24 uur, afhankelijk van het product
Huid na 10 tot 35 minuten, afhankelijk van het product; ook neutrale kit hardt uit met vocht uit de lucht.
Cementgebonden voegmiddel
24 uur
licht beloopbaar na ongeveer 3 uur, klaar voor gebruik na 24 uur
Bij 23 °C en 50 procent luchtvochtigheid. Snelle varianten zijn eerder klaar; kijk op de zak.
Epoxyvoeg
4 dagen
beloopbaar na 12 tot 24 uur, klaar voor gebruik na 4 dagen
Verwerken tussen 12 en 30 °C; bij kou duurt het uitharden langer.
Flexibele tegellijm, wand
eerst voegen: na 4 tot 8 uur
volledig belastbaar na ongeveer 14 dagen
Snel uithardende lijmen laten zich al na 1 tot 2 uur voegen.
Flexibele tegellijm, vloer
eerst voegen: na 12 tot 24 uur
beloopbaar na 12 tot 24 uur, volledig belastbaar na ongeveer 14 dagen
Dikke lijmbedden onder grote tegels hebben meer tijd nodig.
Vloeibare afdichting, tussen twee lagen
tweede laag na ongeveer 1 uur
twee lagen samen minstens 0,8 mm dik
Kimband en manchetten worden in de lagen ingebed; volg het systeem dat je gebruikt.
Vloeibare afdichting, voor het tegelen
tegelen na 2 tot 4 uur bij snelle systemen, anders na 12 tot 24 uur
op een niet-zuigende ondergrond pas na 4 tot 5 dagen tegelen
Het verschilt sterk per product; de technische fiche gaat voor.
Beton ciré, na de laatste aflaklaag
na 5 tot 7 dagen uitharden van de aflak
de eerste drie dagen helemaal droog houden
Daarvoor droogt de mortel al 3 tot 5 dagen. Werken bij 18 tot 25 °C en 40 tot 70 procent luchtvochtigheid.
Microcement, na de laatste sealerlaag
op zijn vroegst na een week
reken op twee weken voordat je het gewoon gebruikt en schoonmaakt
De sealer maakt het oppervlak waterdicht; zonder sealer is microcement niet geschikt voor de douche.
Tadelakt
niet geschikt voor douche, bad en wastafel volgens de fabrikant
droog na 2 tot 3 dagen, eindhardheid na ongeveer 6 maanden
Waterafstotend door de zeepbehandeling, maar niet volledig waterdicht.
Waar deze rekenhulp op rekent
De tijden komen uit de technische bladen van fabrikanten en gelden bij ongeveer 20 tot 23 °C en 50 procent luchtvochtigheid. Kou en een dikkere laag betekenen altijd langer wachten. Cementgebonden voeg en lijm drogen in vochtige lucht langzamer; siliconenkit hardt juist uit met vocht uit de lucht en heeft in heel droge lucht meer tijd nodig.
Mag nat worden betekent dat je voorzichtig kunt douchen. Volledig uitgehard is pas later; tot die tijd geen harde straal, schoonmaakmiddel of schuren.
Voor kit is 24 uur een vuistregel voor de eerste lichte belasting; de technische bladen noemen de doorharding in millimeters per dag. Een dikke kitvoeg heeft meer tijd nodig.
Je eigen product kan afwijken. De verpakking of de technische fiche gaat altijd voor.
Voor de badkamer kies je cementgebonden voegmiddel uit minimaal klasse CG2 met een W, die staat voor een lagere wateropname. Op de vloer hoort er ook een A bij, voor de slijtvastheid. Je vindt die codes op iedere zak; ze komen uit de Europese norm EN 13888. Bij de soorten voegmiddel lees je wat ze betekenen en welk voegmiddel op welke plek past. Let er daarbij op dat het product geschikt is voor jouw voegbreedte.
Er is geen tegelvoegsel dat overal het beste is, want dat verschilt per plek. Op de meeste wanden voldoet een goede flexibele cementvoeg prima. Epoxy past beter op de douchevloer, bij mozaïek en op de toiletvloer, omdat het bijna geen water en vuil opneemt. Of epoxy de extra moeite loont, lees je bij epoxyvoeg in de badkamer. Wil je de voeg juist laten opvallen, dan is er ook epoxy met een glitteradditief.
Met de kleur bepaal je hoe het tegelwerk overkomt. Een voeg in dezelfde tint als de tegel geeft een rustig vlak, terwijl een contrasterende voeg het patroon tekent. Beige tegels voegen in zand of warm grijs staat goed, en bij witte tegels is zilvergrijs vaak de veiligste keuze. Op de vloer en in de douche neem je liever iets donkerder. Bij welke voegkleur bij je tegels past zie je voorbeelden per tegelkleur.
Gereedschap voor het voegen en waarvoor je het gebruikt
Het voegen zelf vraagt weinig gereedschap: een voegrubber, een spons, twee emmers en een garde. Wil je voegen onderhouden of vernieuwen, dan heb je nog een paar dingen extra nodig. In de tabel staat het gereedschap voor voegen overzichtelijk bij elkaar.
Een voegrubber is een spaan met een rubberen blad. Je drukt er het voegmiddel schuin mee in de voegen en trekt het overschot van de tegels. Omdat het rubber niet krast, kun je er ook ondiepe voegen goed mee vullen. Bij epoxy neem je een hardere versie. Met gewone voegmortel lukt tegels voegen met een kitspuit niet, omdat die mortel te stijf is en de voeg niet vol en glad wordt. Een voegenborstel voor de badkamer is een smal, hard borsteltje waarmee je voegen schoon schrobt. Met een voegenkrabber, handgereedschap met een hard blad, krab je oude voegen en lijmresten weg.
Gereedschap voor het voegen en het onderhoud van voegen
Gereedschap
Waarvoor
Let op
Voegrubber
voegmiddel in de voegen drukken en het overschot afhalen
schuin over de voegen werken
Harde tegelspons
inwassen of afsponzen zodra de voeg mat is
goed uitknijpen
Twee emmers en een garde
aanmaken en de spons uitspoelen
garde op laag toerental
Droge katoenen doek
de waas van de tegels poetsen
pas als de voegen droog zijn
Voegenkrabber
oude voeg of lijmresten uit de voeg halen
in het midden van de voeg blijven
Multitool of voegenfrees
oude voegen frezen over een hele wand of vloer
stof afzuigen, tegelranden ontzien
Voegenborstel
voegen schoonschrobben
geen staalborstel op cementvoegen
Kitspuit
kit in hoeken en aansluitingen
niet voor voegmiddel tussen tegels
Voegenstift of voegenverf met een kwastje
gave voegen een nieuwe kleur geven
niet op kapotte voegen
Wandtegels, vloertegels en kleine tegeltjes voegen
Wandtegels voegen is het makkelijkste werk. De tegels wegen weinig, voegen kan meestal nog dezelfde dag, en je gaat van boven naar beneden, zodat er geen resten over verse voegen lopen. Komen bij een buitenhoek twee schuin geslepen tegelranden in verstek samen, dan vul je die smalle naad met hetzelfde voegmiddel en strijk je hem glad met de spons. In een binnenhoek komt kit.
Op de vloer duurt het wachten langer, neem je een slijtvaste voeg en blijven de naden langs de wand en rond de put open. Bij vloertegels voegen zie je stap voor stap hoe dat gaat. Kleinere tegels vragen meer voeg. Volgens een fabrikant gaat er bij tegels van 10 bij 10 centimeter drie keer zoveel voegmiddel in als bij 30 bij 30, en bij mozaïek nog meer. Kleine tegeltjes voegen doe je dus met kleinere porties en een zachtere hand, zoals mozaïek voegen laat zien. Met de calculator voor tegels, lijm en voeg bereken je hoeveel voegmiddel jij nodig hebt.
Oude voegen: repareren, verven of vervangen
Na verloop van tijd worden voegen grauw, gaan ze scheuren of brokkelen ze af, en dan moet je kiezen hoe je het aanpakt. Zijn ze nog heel en alleen verkleurd, dan krijgen ze met voegenverf een nieuwe kleur, zoals je leest bij voegen verven. Gaat het om een paar kapotte plekken, dan herstel je alleen die; hoe dat gaat, staat bij kapotte voegen repareren.
Is de voeg op grote schaal poreus, beschimmeld of los, dan helpt alleen opnieuw voegen blijvend. Dat geldt voor een betegeld muurtje naast de douche net zo goed als voor de complete tegelvloer. Een nieuwe voeg over de oude heen houdt geen stand. Eerst moet de oude voeg eruit, als vuistregel tot ongeveer twee derde van de tegeldikte. Dat doe je met een voegenkrabber of multitool; zie oude voegen verwijderen. Bij voegen in de badkamer vervangen staat de hele klus, van uitkrabben tot kitten.
Dateert je huis van voor 1994, laat dan eerst onderzoeken wat je gaat verwijderen. Asbest kan zitten in oude tegellijm en in kit en mastiek in naden en voegen. Een asbestinventarisatie is volgens Milieu Centraal verplicht wanneer je zo'n huis gaat verbouwen. Zolang de uitslag er niet is, ga je niet krabben, frezen of schuren in oude kit, mastiek of lijm. Vervang eerst eventuele losse of gebroken tegels; zie badkamertegels verwijderen of vervangen.
Na het voegen: cementsluier, witte uitslag en schoonhouden
Als je klaar bent met voegen, ligt er een dunne cementwaas op de tegels. Zodra de voegen droog zijn, wrijf je die weg met een droge doek. Blijft er daarna nog een cementsluier zitten, dan verwijder je die pas na het uitharden van de voeg, met een middel dat daarvoor gemaakt is. Bij tegels schoonmaken na het voegen lees je hoe dat gaat, ook bij natuursteen en epoxy.
Verschijnen er weken later witte vlekken of korstjes op de voegen zelf, dan gaat het meestal om uitslag. Dat zijn kalk en zouten die door vocht uit de voeg of de dekvloer naar het oppervlak komen. Poederige uitslag veeg je droog weg met een borstel, en voor een harde korst heb je een geschikt middel nodig. Komt de uitslag steeds terug, zoek dan uit waar het vocht vandaan komt. Bij witte uitslag op je voegen lees je hoe je die gevallen van elkaar onderscheidt.
Vanaf dan komt het aan op bijhouden. Trek de douche na iedere beurt droog en schrob de voegen zo nu en dan met een sopje en een voegenborstel. Cementvoegen in de douche impregneer je opnieuw zodra water er niet meer op blijft staan.
Dilatatievoegen en kitnaden: waar geen voegmiddel komt
Beweging verdraagt een harde voeg niet. Op een aantal plekken komt er dus geen voegmiddel, maar een elastische voeg. In een tegelvloer heten die dilatatievoegen: ze laten de vloer ruimte om uit te zetten en te krimpen. Je vindt ze als open voegen langs de wanden, bij vaste onderdelen als het bad en boven naden in de ondergrond. Bij dilatatievoegen in je tegelvloer lees je waar ze precies horen en hoe je ze afwerkt.
Ook elders in de badkamer gaat er kit in plaats van voegmiddel in de binnenhoeken en bij de aansluitingen op douchegoot, wastafel, douchebak en bad. Is een naad diep, dan stop je er eerst rugvulling in, zodat de kit de juiste dikte heeft en alleen aan de zijkanten hecht. In een hoek die scheurt, hoort kit. Of kit ook op andere plekken een kapotte voeg kan vervangen, lees je bij voegen repareren met kit.
Een goede kitvoeg: hechting aan twee kanten, met rugvulling
Minder voegen of helemaal geen: de alternatieven
Ben je het schoonhouden van voegen beu, dan heb je twee mogelijkheden. De eerste is minder voegen: grote, gerectificeerde tegels die volgens een tegelfabrikant een voeg van minimaal 2 millimeter toelaten, gevoegd in de tegelkleur en met epoxy in de douche. De tweede is een naadloze afwerking, bijvoorbeeld microcement, beton ciré, wandpanelen of een gietvloer. Bij een badkamer zonder voegen zie je wat die alternatieven kunnen en waar hun grenzen liggen, vooral in de douche.
Bewegen de tegels nog, dan ontstaan er scheurtjes in de voeg, en het vocht uit de lijm kan voor vlekken en uitslag zorgen. Wacht zo lang als de lijm voorschrijft.
Extra water in het voegmiddel
Met dunne voegmortel smeer je makkelijk, maar je krijgt een zwakke voeg die lichter van kleur wordt en eerder wit uitslaat. Gebruik exact zoveel water als op de zak staat.
Een te groot vlak tegelijk voegen
Tegen de tijd dat je klaar bent, zit het voegmiddel van het eerste vak al vastgedroogd op de tegels, en dat gaat er bijna niet meer af. Voeg in kleine vakken en spons ieder vak af voordat je aan het volgende begint.
Te vroeg of te nat afsponzen
Een natte spons over een verse voeg spoelt het voegmiddel weg, met holle voegen, gaatjes en een dikke sluier als gevolg. Begin pas als de voeg mat is, met een goed uitgeknepen spons.
Voegmiddel in hoeken en dilatatievoegen
Een harde voeg scheurt waar vlakken bewegen, en door die scheur komt water achter de tegels. Laat die naden open voor kit.
Over oude voegen heen voegen
Op een oude, vuile voeg blijft een dun laagje nieuw voegmiddel niet zitten; het laat al snel los. Haal de oude voeg dus eerst voldoende diep weg.
Wanneer je een vakman belt
Tegels voegen en een paar voegen herstellen kun je zelf. Bij natuursteen, een grote vloer of epoxy op een inloopdouche is een tegelzetter de betere keuze. Dat geldt ook als je in een huis van voor 1994 een hele badkamer laat opnieuw voegen. Daar moet eerst vaststaan of er asbest in lijm of kit zit. Laat je de badkamer voegen, vraag de vakman dan met welk voegmiddel en welke klasse hij werkt. Informeer ook hoe diep oude voegen eruit gaan en hoelang de douche daarna buiten gebruik is. Is de douche lek of klinken tegels hol, dan zit het probleem dieper dan de voeg, en laat je eerst de oorzaak opsporen.
Veelgestelde vragen
Hoelang wachten met inwassen van voegen?
Je begint met inwassen, ook wel afsponzen genoemd, wanneer de voeg mat wordt en niet meer aan je vinger kleeft. Wanneer dat is, hangt af van de tegel, het voegmiddel en de temperatuur, dus voel even met een vinger in een hoek. Ben je te vroeg, dan spoel je de voeg eruit, en ben je te laat, dan zit het voegmiddel vast op de tegels. De wachttijden rond het voegen staan uitgebreider bij de droogtijd van voegen.
Wat is het beste tegelvoegsel?
Per plek verschilt het. Op de meeste wanden en vloeren kies je het best een flexibele cementvoeg uit klasse CG2 met een W, en op de vloer komt daar een A bij. Op de douchevloer, bij mozaïek en op de toiletvloer werkt een epoxyvoeg beter, want die neemt bijna geen water en vuil op. Bij welk voegmiddel waar past vind je een overzicht.
Hoe tegels schoonmaken na voegen?
Dat gaat in drie stappen. Je spons af als de voeg mat is en wrijft de waas weg met een droge doek zodra de voegen droog zijn. Een cementsluier die blijft zitten, haal je later weg met een middel dat daarvoor gemaakt is. Zuur gebruik je niet op natuursteen. Bij tegels schoonmaken na voegen lees je de hele aanpak.
Waar gebruik je voegrubber voor?
Een voegrubber is een spaan met een rubberen blad waarmee je het voegmiddel schuin de voegen in drukt en daarna het overschot van de tegels haalt. Het rubber vult de voegen zonder krassen op de tegels te maken. Bij epoxy pak je een hardere versie en bij mozaïek een kleine, zachte. Kit glad strijken doe je er niet mee.
Hoelang blijft voegmortel goed?
Volgens de technische bladen kun je aangemaakte cementvoeg 20 tot 30 minuten verwerken en aangemaakte epoxy ongeveer drie kwartier. Wat daarna stijf wordt, gooi je weg, want extra water maakt het zwak. In een gesloten zak blijft het droge poeder veel langer bruikbaar, en de houdbaarheid lees je op de verpakking. Bewaar het goed afgesloten op een droge plek, en epoxy niet in de kou.
Hoe diep voegen uithakken?
De vuistregel is dat je een oude voeg tot ongeveer twee derde van de tegeldikte uithaalt, zodat de nieuwe voeg voldoende grip krijgt. Ga door het midden van de voeg en raak de randen van de tegels niet. Een nieuwe bovenlaag alleen houdt geen stand. Het gereedschap daarvoor vind je bij voegen verwijderen zonder schade.
Oma weet raad: hoe krijg je voegen weer wit?
De middeltjes van oma helpen voor een deel. Vet en grauwe zeepresten krijg je uit de voeg met soda of groene zeep in heet water, en baking soda als pasta schuurt zonder schade aan de voeg. Azijn en citroen lossen kalk op, maar het cement net zo goed. Gebruik ze op een cementvoeg daarom kort, verdund en alleen plaatselijk, en op natuursteen helemaal niet. Zijn de voegen daarna nog grauw, dan krijgen ze een nieuwe kleur, zoals uitgelegd bij voegen een andere kleur geven.
Moet je keramische tegels voegen?
Dat is nodig. Een voeg compenseert kleine maatverschillen tussen tegels, houdt vuil en water uit de randen en zorgt dat losse tegels samen een stevig vlak vormen. Gerectificeerde tegels met strakke kanten krijgen er ook een, volgens een tegelfabrikant van minimaal 2 millimeter. Liggen tegels strak tegen elkaar, dan duwen ze bij de minste beweging tegen elkaar en kunnen ze afspringen.
Kun je tegels voegen met een kitspuit?
Met gewone voegmortel lukt dat niet, want die is te stijf voor een kitspuit en de voeg wordt dan niet vol en glad. Voor kleine reparaties kun je voegmiddel in een koker kopen, en steenstrips en ruwe tegels worden soms met een spuitzak gevoegd. Verder dient een kitspuit alleen voor kit in de hoeken en bij aansluitingen, en niet voor de voegen tussen de tegels.
Kun je zelf tegels voegen?
Zeker, want van alle badkamerklussen is voegen een van de makkelijkste. Je hebt vooral geduld nodig: de lijm laten uitharden, kleine porties maken, op het juiste moment afsponzen en de waas netjes verwijderen. Oefen eerst op een wand buiten de douche. Een grote vloer, epoxy of oude voegen vervangen in een oud huis kun je eventueel aan een tegelzetter overlaten.
Badkamer tegelenZo betegel je je badkamer: de volgorde van sloop tot kit, welke tegel waar past, de douche waterdicht maken, hoeveel tegels en lijm, en zelf of laten doen.
Stucwerk, beton ciré en verfBeton ciré in de badkamer: wat het is, waar het kan, hoe je het waterdicht maakt, wat het kost en welke alternatieven er zijn, van microcement tot tegels.
Waterdicht makenJe badkamer waterdicht maken: wat de bouwregels eisen, waar kimband en coating komen, de volgorde van afschot tot kit en hoelang je moet wachten.
BadkamerplafondWelk badkamerplafond past bij jou: verf, stuc, kunststof panelen, hout, een spanplafond of een verlaagd plafond, en hoe je het plafond schimmelvrij houdt.
WandpanelenWandpanelen in de badkamer als alternatief voor tegels: welke soorten er zijn, waar ze passen, wat ze kosten en welke gids je daarna verder helpt.
BadkamervloerDe badkamervloer: welke vloer past waar, ook in de douche, en hoe je hem vervangt, egaliseert of op hout legt. Alle gidsen over de vloer op een rij.
KittenKit vervangen in de badkamer: oude kit eruit, naad ontvetten, afplakken en de nieuwe kitrand strak afwerken, met de juiste voegdikte en droogtijd.